Benodigdheden(4 personen)
Soep:
- 2 uien
- ½ knolselder
- teentje knoflook
- 2 dl witte wijn
- 4 dl kippenbouillon
- 2 dl room
- kruidentuiltje
duxelle:
- 300 g bospaddenstoelen
- 1 sjalot
- teentje look
- 1 dl runderfond
- 1 zwarte pens
- 8 Sint-Jacobs-nootjes
Bereiding
Knolseldersoep:
- schil de knolselder en snij deze in blokjes
- snipper de uien en de look grof
- smelt een klontje boter in een ruime pot en stoof daarin de uien, look en blokjes knolselder op een zacht vuur (niet kleuren)
- voeg kruidentuiltje toe (tijm, laurier en peterseliestengels)
- schenk de witte wijn in de pot en laat de alcohol even verdampen, voeg dan de bouillon erbij
- laat alles een half uurtje sudderen op een laag vuur
- verwijder kruidentuiltje, voeg de room toe en mix de soep zeer fijn, kruiden naar smaak; eventueel de soep zeven
Duxelle:
- snipper de sjalotjes fijn en plet of pers de lookteentjes
- maak de bospaddenstoelen schoon met een borsteltjen en snij ze zeer fijn
- smelt een klontje boter in een pan en bak daarin de sjalotjes, look en stukjes paddenstoel op een matig vuurtje
- giet er na enkele minuten wat runderfond bij, laat alles enkele minuten rustig inkoken, kruiden met peper en zout
- zodra het geheel smeuïg en niet meer lopend is, is de duxelle klaar
- snij de zwarte pens in schijfjes van ong. 1cm dikte en bak ze krokant in een hete pan
- bak ook de coquilles in een hete pan en kruid met wat zout en peper van de molen
Presentatie
- leg in een warm diep bord een quenelletje van de duxelle
- leg er naast 2 coquilles met daar bovenop de schijfjes zwarte pens
- schenk er een lepel knolseldersoep rond